KLI9 Stralingsrisico
Uit DGBC Wiki
KLI9 Stralingsrisico | ||
|---|---|---|
| Categorie: Gebiedsklimaat | Maximum aantal punten: 4 | Verplicht? Nee |
Doel van de credit
Het minimaliseren van gezondheidsrisico’s door niet-natuurlijke stralingsbronnen.
Toepassing
| Planfase | Realisatiefase | Beheerfase |
|---|---|---|
| √ | √ | √ |
Creditcriteria
Er kunnen maximaal 4 punten als volgt toegekend worden:
| Punten | Criterium |
| 1 | Binnen het plangebied is een analyse gemaakt van de te introduceren installaties en materialen welke voor de gebruikers en ecosystemen in het gebied mogelijke schadelijke elektromagnetische of radioactieve stralingseffecten kunnen hebben EN er zijn maatregelen voorzien om stralingsrisico’s in het plangebied te beperken. |
| 1 | Waar de geleverde bewijsvoering aantoont dat in verblijfsgebieden in het plangebied de magnetische veldsterkte maximaal 0,4µTesla is en dat de afstand tot de veroorzakers van de magnetische veldsterkte tenminste 60 meter is.
OF |
| 2 | Waar de geleverde bewijsvoering aantoont dat in verblijfsgebieden in het plangebied de magnetische veldsterkte maximaal 0,2 µTesla en de afstand tot de veroorzakers van de magnetische veldsterkte tenminste 200 meter.
OF |
| 3 | Waar de geleverde bewijsvoering aantoont dat in verblijfsgebieden in het plangebied de magnetische veldsterkte maximaal 0,1 µTesla is en de afstand tot de veroorzakers van de magnetische veldsterkte tenminste 600 meter is en dat in het gebied het risico op radioactieve straling door nabijheid van kernenergie-opwekking binnen een afstand van 75 kilometer van de grens van het plangebied niet voorkomt. |
Criteria-eisen
Het volgende toont aan dat wordt voldaan:
Eerste punt:
- In het plangebied zijn de mogelijke locaties van elektromagnetische stralingsbronnen in beeld gebracht en de optredende veldsterktes zijn vermeld..
- Verslagen van het ontwerpteam tonen aan dat maatregelen genomen zijn om de elektromagnetische stralingsbronnen te beperken.
Tweede punt:
- Door middel van meting, dan wel berekening, dient te worden aangetoond dat de optredende elektromagnetische veldsterkte in verblijfsgebieden niet hoger is dan de grenswaarde van 0,4 µTesla.
- De afstand tot verblijfsgebieden vanaf de dichtstbijzijnde bron (laag hangende hoogspanningsleiding) niet kleiner is dan de grenswaarde van 60m.
Derde punt:
- Door middel van meting, dan wel berekening, dient te worden aangetoond dat de optredende elektromagnetische veldsterkte in verblijfsgebieden niet hoger is dan de grenswaarde van 0,2 µTesla.
- De afstand tot verblijfsgebieden vanaf de dichtstbijzijnde bron (laag hangende hoogspanningsleiding) niet kleiner is dan de grenswaarde van 200m.
Vierde punt:
- Door middel van meting, dan wel berekening, dient te worden aangetoond dat de optredende elektromagnetische veldsterkte in verblijfsgebieden niet hoger is dan de grenswaarde van 0,1 µTesla.
- De afstand tot verblijfsgebieden vanaf de dichtstbijzijnde bron (laag hangende hoogspanningsleiding) niet kleiner is dan de grenswaarde van 600m.
- De afstand van de reactor van een kerncentrale tot de grens van het plangebied niet kleiner is dan 75 kilometer.
Aanvullingen op de criteria-eisen
Benodigd Bewijsmateriaal
Planfase
Eerste punt:
Eis 1
- Plankaarten met daarop vermeld de locaties waar de mogelijke stralingsbronnen van elektromagnetische en/of radioactieve straling zijn gepland, dan wel zijn gesitueerd, compleet met optredende veldsterkte.
Eis 2
- Rapportage/ analyse van het plangebied met daarin aanbevelingen om risico’s van stralingseffecten te verminderen.
Tweede en derde punt:
Eis 1
- Kaarten met daarop aangegeven de stralingsbronnen, de hoeveelheid straling die bij de bronnen vrijkomt en de afstand vanaf de bronnen tot aan de dichtstbijzijnde verblijfsruimte.
Eis 2
- Rapportage met berekeningen waarin wordt onderbouwd dat aan de grenswaarden zoals gesteld in de criteria wordt voldaan.
Vierde punt:
Eis 1
- Kaarten met daarop aangegeven de stralingsbronnen, de hoeveelheid straling die bij de bronnen vrijkomt en de afstand vanaf de bronnen tot aan de dichtstbijzijnde verblijfsruimte.
Eis 2
- Rapportage met berekeningen waarin wordt onderbouwd dat aan de grenswaarden zoals gesteld in de criteria wordt voldaan.
Eis 3
- En kaartmateriaal wat aantoont dat er binnen een straal van 75 kilometer geen kernenergie wordt opgewekt.
Realisatiefase
Alle punten:
Eis 1
- Gelijk aan de planfase, maar geactualiseerd.
Eis 2
- Bij veranderingen in het plangebied/ stralingsbronnen: conform het bewijsmateriaal voor de planfase nieuw bewijsmateriaal aanleveren.
Beheerfase
Alle punten:
Eis 1
- Gelijk aan de planfase, maar geactualiseerd naar de feitelijke situatie.
Eis 2
- Bij veranderingen in het plangebied/ stralingsbronnen: conform het bewijsmateriaal voor de planfase nieuw bewijsmateriaal aanleveren.
Definities
- Verblijfsruimte
- Ruimte voor het verblijven van mensen, dan wel een ruimte waarin de voor een gebruiksfunctie kenmerkende activiteiten plaatsvinden.
- Tesla (T)
- Tesla is de eenheid van elektromagnetische fluxdichtheid.
- Elektromagnetisme
- Elektromagnetische velden zijn golven, die verschillende golflengtes en frequenties kunnen hebben. De frequentie wordt gemeten in Hertz (Hz). Hoe hoger de frequentie, hoe korter de golflengte en hoe energierijker de velden. Bij frequenties van 0 tot 300 Hz spreekt men van extreem laagfrequente elektrische en magnetische velden (ELF EM velden). Het elektriciteitsnet in Europa heeft een extreem lage frequentie van 50 Hz.
Het elektrische veld wordt uitgedrukt in volt per meter [V/m]. Het magnetische veld is afhankelijk van de stroomsterkte door de draad en wordt uitgedrukt in tesla (T) of microtesla: (µT) of in ampère per meter (A/m). De eenheden zijn eenvoudig om te rekenen: 1 A/m = 1,26 µT. Zowel het elektrische veld als het magnetische veld neemt snel in sterkte af als de afstand tot de bron groter wordt.
Bron: www.milieucentraal.nl
Aanvullende informatie
Elektromagnetische straling
Volgens VROM is als richtlijn de minimale afstand voor een acceptabele veldsterkte nabij hoogspanningsleidingen 30 m (VROM, 1995). De GGD Groningen hanteert echter een hogere waarde van 150 m, (www.ggdgroningen.nl). Op basis van onderzoek wordt een grens van 60 meter gehanteerd waarbij de Tesla waarde bij de meeste hoogspanningsleidingen is gereduceerd tot lager dan 0,4 µT.
Radioactieve straling
Voor radioactieve straling is de grenswaarde in Nederland zo laag gesteld voor de veroorzakers van radioactieve straling dat een verbetering met verschillende klassen van grenswaarden niet tot significante verbetering van duurzaamheid en gezondheid zullen leiden. Wel kan het risico van blootstelling aan radioactieve straling, bijvoorbeeld van een kerncentrale, nog wel een maatstaf zijn waarbinnen een zeker gezondheidsrisico kan optreden bij calamiteiten.
Indien men vlakbij een kerncentrale woont, kan de duurzaamheid van het leefmilieu in gevaar komen als er een lekkage of storing optreedt. Dit betekent echter dat voor het grootste gedeelte van Nederland dit niet geldt en dat bij positieve toekenning van een aparte credit automatisch het grootste deel van Nederland in aanmerking komt. Daarom wordt deze credit aanvullend gecombineerd met het hoogste niveau van elektromagnetische stralingsbeperking.
Middels deze credit wordt beoogd gezondheidsrisico’s van niet-natuurlijke (antropogene, technische) stralingsbronnen te minimaliseren. Daarbij gaat het om:
- Elektromagnetische straling door radarinstallaties, hoogspanningsleidingen, transformatorstations en telecommunicatiemasten (voor bijv. UMTS, GPRS en GSM)
- Radioactieve of ioniserende straling uit materialen (zoals bestrating en stedelijk meubilair) en (nucleaire) installaties.
Doel is dat bij de gebiedsontwikkeling bewust wordt nagedacht over de mogelijke risico’s van niet-natuurlijke straling. Naar de invloed van elektromagnetische straling door hoogspanningsleidingen op de gezondheid zijn in het verleden een aantal onderzoeken verricht. Hoewel de wetenschappelijke onderbouwing niet sluitend is aangetoond , bestaat het vermoeden dat vooral de ontwikkeling van kinderen schade oploopt bij een hoge dosis elektromagnetische straling en er kans zou zijn op verhoogd risico voor het ontstaan van leukemie. Daarom zijn er, op basis van deze vermoedens, richtlijnen ontwikkeld in Nederland (geen wetgeving) die aanbevelingen geven voor de afstand tot hoogspanningsleidingen. Deze afstanden zijn gerelateerd aan de spanning in het netwerk en de stroomsterkte. Op basis van de voornoemde onderzoeken heeft het Ministerie van VROM richtlijnen aangegeven niet te bouwen of verblijfsgebieden te creëren in gebieden waar de afstand als gevolg van de elektromagnetische veldsterkte hoger is dan 0,4 µTesla. Internationaal onderzoek heeft een causaal verband gemeten tussen de kans op het optreden van leukemie bij kinderen en de afstand tot een hoogspanningsleiding. Daarbij worden grenswaarden aan gegeven die een significante statische andere uitkomst geven. Grenswaarden worden gehanteerd van 0-200m, 200 – 600m en meer dan 600 meter, bij welke laatste grens geen significante verschillen meer zijn aangetoond met een gemiddelde bevolkingsgroep en waarbij de hoeveelheid straling in een normaal huishouden geen verschil laat zien met de nabijheid van een hoogspanningsleiding.
Radioactieve of ioniserende straling
Bij radioactief verval komt ioniserende straling vrij. Ioniserende straling kan bestaan uit alfadeeltjes, bètadeeltjes, neutronen of gammastraling. Ook röntgenstraling van bijvoorbeeld CT-scanners en kosmische straling is ioniserend. Ioniserende straling veroorzaakt DNA-schade. Het precieze effect wordt bepaald door het type straling, de geabsorbeerde stralingsdosis en de gevoeligheid van het getroffen weefsel voor straling. De zogenaamde ‘effectieve dosis’, met als eenheid (milli)Sievert (mSv), houdt met al deze factoren rekening. Daarom is die effectieve dosis de handigste maat voor de kans op kanker door blootstelling aan straling. Als de blootstelling boven een bepaalde drempelwaarde uitkomt, kan een stralingssyndroom met soms dodelijke afloop ontstaan. Iedereen wordt levenslang blootgesteld aan lage doses straling, uitwendig of inwendig. Nederlanders ontvangen gemiddeld zo’n 2,5 mSv per jaar. Deze waarde leidt in Nederland tot ongeveer 2000 sterfgevallen door kanker. Hogere blootstellingen komen voor bij medisch handelen, bij radiologische werkers en bij stralingsongevallen. Een blootstelling van 200 mSv levert volgens de ICRP een extra risico op sterfte door kanker van 1%. (www.rivm.nl)
Referenties
- NEN-EN 50110-1:1998 NL “Bedrijfsvoering van elektrische installaties - Algemene bepalingen”
- Haas E.M.; Elektrostress en gezondheid; Jan van Arkel, 2005
- www.milieucentraal.nl
- www.rivm.nl
Koppeling met andere credits in dit Keurmerk
KL10 Externe veiligheid
Koppeling met andere keurmerken
Koppeling met BREEAM-NL Nieuwbouw:
Koppeling met BREEAM Bestaande bouw: